MARTIN ZUITHOF 24 MEI 2012
Volgens de Zwolse wethouder Erik Dannenberg valt er veel te besparen bij de overgang van de jeugdzorg en AWBZ-begeleiding naar de Wmo. Dannenberg speelt landelijk een rol als voorzitter van VNG-commissie Jeugdzorg. Een CDA-wethouder die weet waar het in het sociale werk om gaat. ‘Weg met alle specialisten in de frontlinie.’
De transitie van de jeugdzorg en de AWBZ- begeleiding naar de Wmo biedt volgens Dannenberg een grote kans op eerherstel van het maatschappelijk werk. "Ik zie het als een zoektocht. Ik kan niet helemaal voorspellen dat er geen ongelukken gebeuren. Ik zie nu wel een heel groot ongeluk gebeuren, namelijk dat de zorgpremies onbeheersbaar worden, niet meer op te brengen zijn vanuit de collectieve middelen."
"Waarom zou je nog een indicatiesysteem willen bij de relatief lichte delen van de zorg? Dan heb ik er niet over heel ernstige problemen, maar over de massa. Waarom laten we die indicatie niet over aan het maatschappelijk werk? We vertrouwen die organisatie, zij doen gewoon een goede klus. Als iemand een keer drie of vijf gesprekken nodig heeft, kan dat, maar ook als iemand een keer vijftien gesprekken nodig heeft. Dat moet dan wel binnen een vast budget, anders dan bij de AWBZ. Daar zie je juist een forse druk om de klanten in de zorg te houden, want dat levert geld op."
Bovendien pleit Dannenberg brede generalisten on de wijk: "Wat we niet willen is vijftien hulpverleners in een gezin. Wat we wel willen is dat de regie helder is. In de medische zorg is ontzettend helder wat de rol van de huisarts is. Ook al zit je bij specialist X of Y, je kunt altijd terug naar die professional in je buurt die overzicht houdt. Dat kan ook de rol zijn van de brede generalist. Dat hoeft niet per se een persoon te zijn. Veel gemeenten zijn nu aan het nadenken over een netwerk van wijkprofessionals, zoals wijkverpleegkundigen, maatschappelijk werkers en wijkagent. Ik zeg wel eens gekscherend: hoe breng je het dorp terug in de stad?"
Lees verder: Erik Dannenberg, ‘Ik kan niet garanderen dat er geen ongelukken gebeuren’, bij Sociale Vraagstukken, 24 mei 2012